Het wordt geen avontuur, het is er een, die zomer van ’20. Alles is anders dan het ooit was. Niet alleen thuis, maar niet het minst ook op de redactie. We komen er nog wel eens, maar het lijkt een eeuwigheid geleden dat we er iedereen aan het werk zagen. De vaste werkplek werd een passage, de redactie een doorgangshuis. We werken immers nog altijd van thuis uit en wat aanvankelijk best wel aangenaam was – het was iets nieuws, het was anders, we zouden minder gestoord en meer geconcentreerd kunnen werken – verloor gaandeweg zijn aantrekkelijkheid. We missen het gekeuvel, de discussies, de spanning en de spanningen, het spontane brainstormen, de krachtmetingen, het gezeur en gekibbel, het gevloek en het gelach…

 

En toch wordt het een op en top krantenzomer zoals we die nog nooit hebben meegemaakt op onze redactie. De Krant van West-Vlaanderen verschijnt voor het eerst in zijn bestaan een zomer lang, op papier, in de bus en in de winkel. Op zich al een tour-de-force, maar er is meer. Als we de zomerreeksen vergelijken met de zomerfestivals, dan pakten wij vroeger uit met verdienstelijke kermisconcerten van lokale vedetten, maar van de zomer timmert De Krant van West-Vlaanderen de grote podia en stelt ze een affiche samen met namen van nationaal belang. We zeiden het al, die zomer van ’20 is een avontuur. Een dat we niet licht zullen vergeten. En daar dienen zomers voor, om ze niet te willen en niet te kunnen vergeten.

 

Pas op, we zeiden een tour-de-force – en zoals je merkt, heeft het daar alles van – maar onze ploeg onder de leiding van Pascal en Bart, gaan voor nog meer avontuur nog wat verder van huis, naar de andere kant van het land. Want de redacties van Het Belang van Limburg en De Krant van West-Vlaanderen werken in het hart van de vakantie samen en wisselen redactie uit. De Krant wordt heel even Het Belang en omgekeerd. Als dat al geen avontuur is.

 

Alles is anders, alles kan anders, weten we intussen. Vanuit de werkkamer thuis zag ik hier voor het eerst de zwartkop en de kneu voorbij fladderen. En kan ik zien hoe pa en ma pimpelmees hun jongen tot bij de vijver brengen om er pootje te baden en te drinken. Tot de groene specht zijn dorst komt laven… Het thuiswerk heeft per slot van rekening ook zijn voordelen, ware het niet dat het gezang van de roodborst, het lied van de lijster en vooral dat enerverende gejiftjaf van juist, van de tjiftjaf mij wel eens uit mijn concentratie halen.